Tabakken
De meeste pijptabakken zijn nakomelingen van de Virginia-soort die uit Midden-Amerika,
toen in Spaanse handen, naar de Noordamerikaanse staat Virginia overkwam.
Door spontane mutaties,
klimaat en bodemgesteldheid en verschillende bewerkingen zijn andere ‘soorten’ tabak ontstaan.
Deze tabakken worden dan verwerkt op verschillende manieren en zo komt men tot de grote types
van tabak die gebruikt worden voor pijptabak. De types worden gekenmerkt door een gelijke kleur,
smaak of brandbaarheid.
De Grote groepen zijn: Virginia, Burley, Kentucky, Orient

1.Virginia
In 1612 werden de eerste ‘Spaanse’ tabakszaadjes binnengesmokkeld in de toenmalige Engelse
kolonie Virginia, het volgende jaar ging de eerste lading naar het moederland Engeland en de rest is
geschiedenis. De Engelsen waren het moe te veel geld te betalen aan hun Spaanse en Portugese
concurrenten die vrijwel een monopolie hadden op de tabaksmarkt.
Virginia werd vrijwel helemaal beplant met tabak, maar omdat deze plant zoveel van de grond
vergt(ze wordt tot 2.5m hoog) kan er slechts 3 jaar opeenvolgend tabak geplant worden. Snel ging
men planten in nabije staten zoals Maryland, Ohio, Kentucky om aan de vraag naar tabak te voldoen.
De Virginia werd dé Engelse tabak, ook al omdat de kolonie verplicht werd al zijn tabak exclusief
naar Engeland te verkopen, dit in tegenstelling tot staten als Maryland and Kentucky.
De Noordamerikaanse tabaksboeren kenden hun vak echter niet zoals hun Caraïbische collega’s en
hadden bovendien een totaal ander klimaat. Waar de Indianen in Zuid- en Midden-Amerika hun
tabak droogden in de zon of zelfs in de schaduw was dit in Virginia niet mogelijk. De bladeren
moesten worden opgehangen om beter te drogen, maar het kon stabieler en sneller. Na veel
experimenteren kwam men uiteindelijk op de “flue cured” methode, waarbij hete lucht door een
gesloten schuur wordt geblazen. Dit systeem van behandeling brengt ons de Virginia’s zoals wij ze
nu kennen: meestal een geel van kleur, hoog suiker gehalte en veel natuurlijke aroma’s. Virginia is
gewoonlijk traag brandend.
De bladeren worden 20-50cm lang en worden geplukt van de stengel als ze rijp en gelig worden.
De meeste moderne Virginia groeit in gebieden bij 35° Celsius en 90% vochtigheid, zoals Virginia,
Georgia, Malawi, Zimbabwe en Brazilië.

2.Burley
Aanvankelijk is Burley : alle Noordamerikaanse tabak van buiten de staat Virginia. Door een mutatie
in de plant krijgen we een nieuw groot type tabak.
De bladeren zijn ook 20-50cm groot maar de plant wordt in zijn geheel geoogst als de bladeren hun
soepelheid verliezen.
De Burley is wat donkerder, van lichtbruin tot bruin. De hele burleyplanten drogen traag in open
schuren en wordt daarom ook aircured genoemd.
De Burley wordt gebruikt als smaakdrager en heeft een cacao smaak. Burley heeft geen
natuurlijke suikers en is snel brandend.
Burley tabakken komen vooral uit USA, Mexico en Malawi.
Dit soort tabak wordt achteraf dikwijls getoast: op een verwarmde plaat of in een verhitte centrifuge
komt het chocoladeachtige van deze tabak meer tot uiting.

3. Kentucky
De Kentucky is een manier van tabaksverwerking die typisch was voor de burley telers in de staat
Kuntucky. De tabak werd in de schuren gedroogd boven vuren, van daar firecured.
Donkere kleur, de volle smaak en de typische rokerige geur maken van deze traag brandende,
zware tabak een icoon van de pijptabak.

4.Orient
Deze tabakken, ook wel Turkse tabakken genaamd, kwamen in de 17e eeuw in Midden-Europa en
Klein-Azie terecht. Deze variatie heeft kleinere bladeren, maar meer per plant.
De Oriënt tabak heeft een hoog suikergehalte en zeer veel aroma’s die vooral zitten in de waslaag
die beschermt tegen het hete, droge klimaat waar deze plant groeit. De bladeren zijn geelgroen van
kleur maar de smaak is zo uit gesproken dat hij alleen als smaakbrenger in (vooral Engelse)
mixtures voorkomt.
De volledige plant wordt in open lucht (eerst in schaduw, dan in zon) gedroogd, van daar suncured.
Oriënt tabakken worden geteeld in Griekenland en Turkije.
Andere benamingen van pijptabak die geregeld voorkomen zijn: Latakia, Périque, Cavendisch,
Mixture.
Latakia
Latakia is een variant op de Orient tabak. De planten groeien erg laag bij de grond.
In de Syrische havenstad Latakia werd de tabak opnieuw gedroogd in schuren boven vuren van
eiken –en pijnboomhout wat de zeer specifieke smaak en geur geeft. Puur latakia is niet aangenaam
om te roken. Latakia komt vooral uit Syrië en Cyprus.
Périque
Een Franse kolonist zag in het huidige Louisiana hoe de Chikasaw Indianen hun tabak uitpersten in
holle boomstammen en daarin lieten gisten en daarna pas drogen. Dit procédé werd verfijnd (drogen
en gisten in vaten wordt tot 4x herhaald) totdat men het zeer specifieke Périque resultaat bereikt: een
bijna zwarte, spicy, zware tabak die slechts door enkele telers wordt gemaakt in Paulina,
Louisiana.
Hoewel hij er niet echt voor gemaakt is, kan hij puur worden gerookt.
Cavendisch
De Engelse kapitein Cavendish ontdekte in de 16e eeuw toen zijn schip van Virginia naar Engeland
voer dat de pijptabak beter werd door hem in suikerwater te bewaren.
Cavendish is een blend van Burley, Virginia of Kentucky die gesausd wordt, dan in blokken
geperst en dan op temperatuur gefermenteerd.
Engelse Cavendish is gewoonlijk op basis van Virginia blends die gestoomd en dan geperst worden.
Black Cavendish wordt dikwijls overgoten met allerlei smaken zoals Cherry, Mango, Coconut…
Een Cavendish bestaat uit 60% tabak, 20% water, Glycerol of alchol8% en de rest zijn smaakstoffen.
De blokken worden daarna versneden in dunne reepjes van smaakvolle, milde, makkelijke
brandende tabak: de cavendish cut.
Tabaksvormen
De tabak wordt gerookt in verschillende vormen: de sigaar, al dan niet natuurlijk in short, medium of
longfiller, de sigaret, de pruimtabak, de snuif en de pijptabak.

De pijptabak die wij kennen zijn meestal mixtures of flakes.
1) Flakes
1.Geschiedenis
De flake tabak werd ontdekt door Engelse zeelui die een oplossing zochten om hun tabak goed te
bewaren gedurende hun lange tochten op zee. De tabak werd aanvankelijk wellicht met gezoet water
vermengd en in linnen doeken geperst die soms door teer werden afgedicht. De tabak bewaarde erg
goed en nam bovendien minder plaats in op de krappe schepen. Met een mes sneden de zeelui hun
Navy cut en daarna konden ze samen genieten van een van de weinige rustmomenten op een hectisch
schip. Het lijkt wel een metafoor voor onze tijd.
Rond 1800 werd dit procédé geoptimaliseerd en flake tabak is eeuwen de meest voorkomende vorm
geweest. Samuel Gawith maakt in 1792 zijn intrede in de tabakswereld.

2.Hoe wordt flake gemaakt?
Er is geen verschil tussen een supermoderne grote fabriek of een 200 jaar oud artisanaal bedrijfje,
behalve de grootte en leeftijd van de machines. Er komt veel handenarbeid aan te pas en de productie
verloopt nog steeds via eeuwenoude tradities.
De tabaksoorten worden geselecteerd en de hoeveelheden van de soorten worden gemengd
naargelang het recept. De bladeren worden gestript en er wordt suikerwater aan toegevoegd, zoals de
zeelui al deden. Het suikerwater accentueert de smaaknuances van de tabak en houdt hem vochtig.
Na een aantal uren wordt de tabak gedroogd, eventuele smaken toegevoegd en dan volgt de persing,
zoals gewone mixture….
Maar typisch aan flake is dat het een blok of plak blijft. Gewoonlijk wordt net voor de persing de
tabak gestoomd waardoor de smaken nog meer indringen en de plak goed samenblijft.
Verschillende van deze plakken worden opgestapeld in een pers en ze blijven daar 24 uur. Daarna
rijpen de plakken nog een tijdje alvorens ze versneden worden in dunnere plakjes: flakes van iets
meer dan een mm dik en 8cm lang en 2.8cm hoog.
De tabak wordt tijdens de manuele verpakking een laatste keer gecontroleerd voordat hij in een
vacuüm blik vertrekt om ergens een pijproker te gaan plezieren.

3.Hoe wordt flake gerookt?
De pijprokers hier lijken dikwijls twijfelachtig te staan tegenover deze kleine verpakkingen: men
kiest liever een grote pouch van 50gr dan een klein blik van 50gr. Hoe met flake een pijp stoppen
blijkt ook wel eens een probleem te zijn.
Flake tabak rookt veel koeler en langzamer dan losse tabak en geeft ook een heel andere, sterkere
smaak. Ook indien men de flake helemaal ontrafelt en los rookt, verdwijnt een deel van de typische
eigenschappen van de flake tabak.
Daarom kan men best een plakje flake bij de 2 uiteinden vast nemen en dan dubbelplooien zodat de
onderkant (de u-kant) een beetje loskomt. Druk dan een beetje op de lossere onderkant zodat die nog
wat losser komt. Schuif daarna de flake in de pijp en breek de boven de rand uitstekende stukjes af.
Druk dan de tabak zo aan dat er genoeg trek blijft.
Het aansteken van de tabak zal moeilijker gaan omdat deze meer samengeperst is. Eens de pijp aan is
zal de tabak regelmatiger en koeler branden, zodat men minder hard en frequent moet trekken.
Om de pijp iets makkelijker aan te krijgen kan men de afgescheurde stukjes flake bovenop de andere
flake leggen en dan aansteken.
Welke pijpenkop komt in aanmerking voor flakes?
De flake tabakken komen best tot hun recht in klassieke koppen van gemiddelde grootte. Omdat de
flake erg langzaam brandt (20-30% trager dan losse tabak) hebben de meeste rokers geen nood aan
een extra grote kop, tenzij men 3 uur wil roken. Recht geboorde koppen hebben altijd een betere
verbranding. De vorm, de prijs en kleur van pijp worden bepaald door de roker.

2) Mixtures
Dit zijn gewoonlijk al dan niet geperste mengelingen waaraan smaken worden toegevoegd in vorm
van sausen( Rum, Whisky, mango)of zeer aromatische tabakken ( Latakia, Périque).
De manieren waarop ze versneden worden heeft telkens invloed op smaak en brandbaarheid. Over
het algemeen branden de geperste tabakken langzamer dan de ongeperste.
Samuel Gawith
In 1792 begon Thomas Harrison bij Kendal met de productie van pijp-en snuiftabak. Om een echte
fabriek te hebben met grote productie had hij waterkracht nodig en die vond hij bij Kendal op de zeer
snelle rivier Mint. Hij kocht een oude kruitmolen uit 1750 voor de productie van snuif en vond tabak
in de dichtbij gelegen haven Whitehaven. In 1837 nam zijn schoonzoon Samuel Gawith zijn zaak
over.
De machines bestaan er nog en de molen wordt momenteel op elektriciteit aangedreven in the Brown
House maar wordt beschouwd als het oudste nog draaiende industrieel erfgoed van heel UK.
De tabakken worden nog steeds op de traditionele manier gemaakt.
Bij Samuel Gawith worden 2 chemische producten gebruikt: glycerol voor het bewaren van de
vochtigheid en schimmelwerend product, beiden slechts 1/10de van de Europese toegelaten norm.
In de 1792 Flake werd de echte tonka-boon vervangen door een chemische variant omdat men
ontdekt heeft dat het in hoge mate giftig is.
Al de andere toegevoegde smaakmakers zijn 100% natuurlijk en goedgekeurd door het Europese
voedselagentschap.
Belangrijk in de productie zijn de kennis van de ambachtslui, de kwaliteit van de tabak en het water
en niet te vergeten, de omgeving. In het gebouw wordt nu al meer dan 70 jaar tabak geproduceerd en
elke porie van het gebouw is doordrongen van tabak.
Full Virginia Flake
Dit is een mengeling van verschillende soorten Virginia die eerst
koud geperst worden, dan gestoomd en daarna een nacht lang warm
geperst waardoor extra suikers vrijkomen. In dit proces krijgt de
Virginia Flake ook zijn typische kleur. De blend van de bladeren, de
duur van het persen, de kwaliteit van het water en de kennis van de
ambachtslui komen tot uiting in deze zeer Engelse pure Full Virginia
Flake met zijn schitterende verpakking. Halfzwaar.
1792 Flake
Al meer dan 200 jaar is deze met tonka gekruide, getoaste Kentucky
Flake de absolute top voor de pijproker die op zoek is naar ‘straffe
toebak’. Dit is zeer zware tabak met een volle smaak.
Eerder voor ervaren rokers. “As strong as tobacco can be”.
Navy Flake
Dit is de klassieke Virginia flake, een beetje latakia en een kleine
toevoeging van Rum. Echte halfzware Navy flake.
Fire Dance Flake
Met deze moderne Flake toont Samuel Gawith dat traditie te
combineren is met moderne invloeden. De Amerikaanse first lady van
het pijproken stelde deze tabak samen en het werd een zeer groot
succes.
De basis is alweer de klassieke Virginia maar nu met toevoeging van
brandy, vanille en braambes.
Deze Firedance Flake valt behalve door zijn verpakking op door zijn
zachte, fruitige smaak en zijn zeer aangenaam aroma.